Overtredingen in deze categorie
Wanneer is er vluchtmisdrijf?
Artikel 33 vereist dat iemand weet dat hijzelf of zijn voertuig oorzaak van of aanleiding tot een verkeersongeval op een openbare plaats is geweest, en vlucht om zich aan de dienstige vaststellingen te onttrekken. Schuld aan de botsing is geen noodzakelijke voorwaarde. Weten van het ongeval en het doel van het vertrek moeten worden onderzocht.
Ook na schade aan een geparkeerde auto kan vluchtmisdrijf aan de orde zijn. Een briefje achterlaten of later terugkeren sluit dat niet automatisch uit. Tijdelijk vertrekken om noodzakelijke hulp te halen is niet zonder meer vluchten.
Zonder lichamelijke letsels
Voor artikel 33, §1 bedraagt de gewone geldboete effectief €2.000 tot €20.000. Sinds 1 september 2026 is dit strafniveau 1: de oude gevangenisvork van vijftien dagen tot zes maanden is geen actuele algemene straf voor dit basisfeit.
De rechter kan een verval van het recht tot sturen opleggen. Het is bij dit basisfeit niet voor iedere bestuurder automatisch verplicht. Bij beginnende bestuurders en wettelijke herhaling kunnen strengere regels gelden.
Met letsels of overlijden
Bij de in artikel 33, §2 omschreven integriteitsaantasting geldt strafniveau 2; bij doding in het verkeer strafniveau 3. De gewone geldboete bedraagt effectief €4.000 tot €50.000. Een verval van minstens drie maanden tot vijf jaar of levenslang is voorzien. Dit staat los van een eventuele aparte tenlastelegging voor het veroorzaken van letsels of overlijden.
Artikel 33, §2 verbindt herstel aan een theoretisch examen, praktisch examen en psychologisch onderzoek. Een specifieke opleiding kan theorie en praktijk aanvullen of vervangen. Een medisch onderzoek volgt niet automatisch uitsluitend uit deze bepaling, maar kan op een andere grond worden opgelegd.
Herhaling en procedure
Artikel 33, §3 bevat een eigen regeling voor herhaling na een relevante veroordeling binnen drie jaar. Daarnaast kan artikel 38, §6 verplicht verval en herstelvoorwaarden meebrengen. Niet iedere vroegere verkeersboete verdubbelt automatisch iedere nieuwe straf.
Er is geen standaard onmiddellijke inning voor vluchtmisdrijf. Het parket beoordeelt het dossier en de vervolging; een dagvaarding of veroordeling is niet bij voorbaat zeker. Bij een verhoor zijn de rechten van de verdachte van belang. Bewaar de uitnodiging en vraag zo nodig vooraf advies.
Schade en bijkomende kosten
Een onmiddellijke inning, een minnelijke schikking van het parket en een door de rechter opgelegde boete zijn verschillende afhandelingswijzen. De vermelde bedragen omvatten geen administratieve toeslag, gerechtskosten, verplichte bijdragen, herstelonderzoeken of schadevergoeding.
De aansprakelijkheid voor het ongeval en vergoeding van de schade worden afzonderlijk beoordeeld. Een verzekeringsuitkering of later contact met het slachtoffer doet de verdenking van vluchtmisdrijf niet automatisch verdwijnen.
Bronnen en toepassingsdatum
Redactioneel gecontroleerd op 21 oktober 2026. Wettelijke grondslag: Wegverkeerswet art. 33 en 38; Wegcode art. 52. Dit is algemene informatie; de kwalificatie en feitendatum bepalen welke regels op een dossier van toepassing zijn.
De rechtbankbedragen hieronder betreffen feiten vanaf 1 september 2026, vóór gerechtskosten en bijdragen en zonder bijzondere herhaling. De Wegverkeerswet gebruikt sindsdien aangepaste basisbedragen en strafniveaus. Op die basisbedragen komt 25% verhoging (factor 1,25). Voor feiten van 1 februari tot en met 31 augustus 2026 gold factor 10 op de toenmalige basisbedragen; van 1 januari 2017 tot en met 31 januari 2026 factor 8. Voor oudere feiten en een latere wetswijziging moet ook de toepassing van de mildere strafwet worden onderzocht.
https://codex.vlaanderen.be/PrintDocument.ashx?geannoteerd=false&id=1009628
https://www.wegcode.be/nl/regelgeving/1975120109~hra8v386pu
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi_loi/change_lg.pl?cn=1952030530&la=N&language=nl&table_name=wet