Wat zegt de wet?
Artikel 48 van de Wegverkeerswet (wet van 16 maart 1968) stelt twee gedragingen strafbaar: een motorvoertuig besturen terwijl een verval van het recht tot sturen loopt, én een motorvoertuig besturen na afloop van het rijverbod zonder geslaagd te zijn voor de opgelegde herstelexamens of -onderzoeken.
De straf: gevangenisstraf van 15 dagen tot 2 jaar en/of een geldboete van 500 tot 2.000 euro. Met de opdeciemen (x10 voor feiten vanaf 1 februari 2026) komt dat neer op €5.000 tot €20.000. Daarbovenop spreekt de rechter een nieuw rijverbod uit van minstens 3 maanden tot 5 jaar, of zelfs levenslang.
Het rijverbod geldt voor álle motorvoertuigen: ook een bromfiets of een elektrische step telt volgens het Hof van Cassatie als motorvoertuig. Fietsen zonder motor mag wel.
“Met gevangenisstraf van vijftien dagen tot twee jaar en met geldboete van 500 euro tot 2.000 euro of met een van die straffen alleen wordt gestraft hij die een motorvoertuig bestuurt terwijl hij vervallen is verklaard van het recht tot sturen.”
Welke straffen riskeert u in 2026?
Voor dit misdrijf bestaat geen onmiddellijke inning of minnelijke schikking: het parket dagvaardt u rechtstreeks voor de politierechtbank.
- Geldboete van €5.000 tot €20.000 (basisbedrag 500 tot 2.000 euro, opdeciemen x10)
- En/of gevangenisstraf van 15 dagen tot 2 jaar
- Verplicht bijkomend rijverbod van minstens 3 maanden tot 5 jaar of levenslang
- Herstel vaak pas na het slagen in de vier herstelexamens: theoretisch, praktisch, geneeskundig en psychologisch
- Bij herhaling binnen 3 jaar: verdubbeling van de straffen
- De rechter kan uw voertuig immobiliseren of verbeurd verklaren
Ook strafbaar: rijden na intrekking of zonder herstelexamens
Rijden tijdens een onmiddellijke intrekking van het rijbewijs (de intrekking van 15 dagen die het parket na bijvoorbeeld een zware overtreding of alcoholcontrole kan bevelen) is een apart misdrijf: gevangenisstraf van 3 maanden tot 2 jaar en/of een geldboete van €2.000 tot €20.000, plus een rijverbod van minstens 3 maanden.
Ook wie na afloop van zijn rijverbod opnieuw rijdt zonder de opgelegde herstelexamens te hebben afgelegd, valt onder artikel 48. Het rijverbod loopt in de praktijk dus door zolang u niet geslaagd bent.
Let op als eigenaar: wie zijn voertuig toevertrouwt aan iemand met een rijverbod, is zelf strafbaar (artikel 49 Wegverkeerswet).
Kan ik mijn voertuig kwijtraken?
Ja. De rechter kan vandaag al beslissen om uw voertuig te immobiliseren voor de duur van het rijverbod, of het verbeurd te verklaren wanneer het uw eigendom is.
De wetgever gaat nog een stap verder: een wetswijziging die in juni 2026 in het Staatsblad verscheen, maakt de verbeurdverklaring bij rijden tijdens rijverbod tot de regel. De rechter zal het voertuig in principe moeten verbeurd verklaren, tenzij hij uitdrukkelijk motiveert waarom niet. De inwerkingtreding verloopt gefaseerd; laat u dus goed informeren over de stand van zaken op het moment van uw feiten.
Hoe verloopt een rijverbod in de praktijk?
Na de veroordeling betekent het parket het rijverbod. U moet uw rijbewijs binnen 4 dagen (zaterdagen, zon- en feestdagen niet meegerekend) inleveren op de griffie van de politierechtbank; het verbod gaat in op de vijfde dag. Het rijbewijs niet inleveren is opnieuw strafbaar.
Een Belgisch rijverbod geldt enkel op Belgisch grondgebied. Toch is voorzichtigheid geboden: wie tijdens een Belgisch rijverbod in het buitenland rijdt, doet dat het best enkel na juridisch advies over de eigen situatie.
Werd u betrapt tijdens uw rijverbod, dan is de kans op een effectieve gevangenisstraf of een werkstraf reëel, zeker bij herhaling. Rechters leggen in de praktijk ook vaak de vier herstelexamens opnieuw op. Een gespecialiseerde verkeersadvocaat kan het verschil maken tussen een werkstraf en een celstraf, en pleiten voor de minimale duur van het nieuwe rijverbod.