Wat zegt de wet?
De maximumsnelheden op Belgische wegen zijn vastgelegd in de Wegcode (KB van 1 december 1975). Deze verschillen naargelang de wegcategorie: 50 km/h binnen de bebouwde kom, 30 km/h in zones 30 en schoolomgevingen, 70 of 90 km/h op gewestwegen, en 120 km/h op autosnelwegen.
De sancties worden geregeld door artikel 29 van de Wegverkeerswet (Wet van 16 maart 1968), aangevuld door het KB van 30 september 2005 over de graden van overtredingen. De geldboete varieert van een onmiddellijke inning van €58 (tarief sinds 1 juli 2026) tot een rechtbankboete van maximaal €5.000, opdeciemen inbegrepen.
“De overtreding van de derde graad wordt bestraft met een geldboete van 30 tot 500 euro, te vermeerderen met de opdeciemen (in de praktijk 300 tot 5.000 euro) en met een verval van het recht tot het besturen van een motorvoertuig voor een duur van ten minste 8 dagen en ten hoogste 5 jaar.”
Boetes binnen de bebouwde kom, zone 30 en schoolomgeving
Op plaatsen waar voetgangers en fietsers extra worden beschermd (binnen de bebouwde kom, in zones 30, schoolomgevingen, woonerven en erven) gelden de strengste tarieven. Vanaf 11 km/h te snel betaalt u sinds 1 juli 2026 bovenop de basisboete €12 per bijkomende kilometer per uur.
- Tot 10 km/h te snel: €58, geen rijverbod
- 11 tot 20 km/h te snel: €58 + €12 per extra km/h, geen rijverbod
- 21 tot 30 km/h te snel: €58 + €12 per extra km/h, mogelijk rijverbod (8 dagen tot 5 jaar)
- Meer dan 30 km/h te snel: €100 tot €5.000, verplicht rijverbod (8 dagen tot 5 jaar) + dagvaarding
Boetes op de overige wegen
Op wegen buiten de bebouwde kom (gewestwegen, autosnelwegen en niet-bebouwde rijksbanen) zijn de tarieven iets milder, maar bij grotere overschrijdingen wordt het rijverbod ook hier verplicht.
- Tot 10 km/h te snel: €58, geen rijverbod
- 11 tot 30 km/h te snel: €58 + €7 per extra km/h, geen rijverbod
- 31 tot 40 km/h te snel: €58 + €7 per extra km/h, mogelijk rijverbod (8 dagen tot 5 jaar)
- Meer dan 40 km/h te snel: €100 tot €5.000, verplicht rijverbod (8 dagen tot 5 jaar) + dagvaarding
Wanneer is een rijverbod verplicht?
Een rijverbod is door de wet verplicht in twee gevallen: bij een overschrijding van meer dan 30 km/h binnen de bebouwde kom (of in zone 30, schoolomgeving, woonerf), en bij een overschrijding van meer dan 40 km/h op alle andere wegen. In beide gevallen wordt u gedagvaard en moet u voor de politierechtbank verschijnen.
De duur ligt tussen 8 dagen en 5 jaar en wordt door de rechter bepaald op basis van de omstandigheden, eventuele recidive en verzwarende factoren zoals een verkeersongeval. Bij een eerste overtreding zonder ongeval blijft de straf doorgaans aan de onderkant van die vork.
Verzachtende omstandigheden
De rechter kan, mits goed onderbouwd, verzachtende omstandigheden aannemen: bijvoorbeeld een schoon strafblad, een professionele afhankelijkheid van het rijbewijs of een aantoonbare noodsituatie. In dat geval kan de geldboete worden verlaagd tot het wettelijk minimum van één euro en kan een verplicht rijverbod worden gemilderd.
Daarnaast komen kosten van rehabilitatie-examens en medische of psychologische onderzoeken in aanmerking voor aftrek bij de uitspraak.
Jonge bestuurders (minder dan 2 jaar rijbewijs B)
Voor bestuurders die nog geen 2 jaar in het bezit zijn van een Belgisch rijbewijs B gelden strengere drempels. Het rijverbod wordt al verplicht vanaf 20 km/h te snel binnen de bebouwde kom (en 30 km/h te snel daarbuiten).
Bij een verkeersongeval kan de rechter daarnaast bevelen dat u opnieuw moet slagen voor uw theoretisch en/of praktisch rijexamen: de zogenaamde herstelproef. Verzekeraars passen voor jonge bestuurders ook een bijkomende vrijstelling toe: €150 standaard, of €300 wanneer het ongeval zich tussen middernacht en 6 uur 's ochtends voordeed.
Bereken uw boete
Doorloop hieronder de calculator om een indicatieve berekening te maken op basis van uw situatie. Vrijblijvend en zonder verplichtingen.
Ontving u reeds een dagvaarding of een PV?
Tip: typ A, B of C op uw toetsenbord