boeteberekenen.be
Vluchtmisdrijf

Vluchtmisdrijf na een verkeersongeval

Wie na een verkeersongeval de vlucht neemt om zich aan de vaststellingen te onttrekken, pleegt een vluchtmisdrijf. Dit is geen gewone verkeersovertreding maar een afzonderlijk misdrijf onder artikel 33 van de Wegverkeerswet: een onmiddellijke inning of minnelijke schikking is niet mogelijk en u wordt steeds gedagvaard voor de politierechtbank. De straffen lopen van een geldboete en een rijverbod tot een effectieve gevangenisstraf: de zwaarte hangt vooral af van de vraag of er gewonden of dodelijke slachtoffers vielen.

Gratis & vrijblijvend
Wat riskeert ú precies?

Beantwoord enkele korte vragen en zie meteen uw boete, rijverbod en procedure.

Bereken mijn boete →
± 30 seconden · 147.382 berekeningen

Overtredingen in deze categorie

Wat is een vluchtmisdrijf?

Van een vluchtmisdrijf is sprake wanneer een bestuurder weet dat hij betrokken is bij een ongeval op een openbare plaats en toch de vlucht neemt om zich aan de dienstige vaststellingen te onttrekken. Belangrijk: het misdrijf bestaat ook wanneer het ongeval niet aan uw schuld te wijten is. Wie bijvoorbeeld na een lichte aanrijding op een parking wegrijdt zonder zijn gegevens achter te laten, riskeert dus een strafrechtelijke vervolging, ook als de andere partij de fout maakte.

Vluchtmisdrijf valt buiten het gradenstelsel van het KB van 30 september 2005. Het is een eigen regime in de Wegverkeerswet (Wet van 16 maart 1968), naast onder meer alcoholintoxicatie en rijden zonder rijbewijs. Dat betekent in de praktijk: geen boete in de bus die u kunt betalen om de zaak af te sluiten, maar altijd een dagvaarding voor de politierechtbank.

Wegverkeerswet art. 33 §1
Met gevangenisstraf van vijftien dagen tot zes maanden en met geldboete van 200 euro tot 2.000 euro of met een van die straffen alleen wordt gestraft elke bestuurder die, wetend dat zijn voertuig oorzaak van, dan wel aanleiding tot een ongeval op een openbare plaats is geweest, de vlucht neemt om zich aan de dienstige vaststellingen te onttrekken, zelfs wanneer het ongeval niet aan zijn schuld te wijten is.
Bron: Wet van 16 maart 1968

De straffen: van blikschade tot dodelijk ongeval

De wet maakt een duidelijk onderscheid naargelang de gevolgen van het ongeval. De wettelijke geldboetes worden bovendien vermenigvuldigd met de opdeciemen, waardoor het effectief te betalen bedrag een veelvoud is van wat in de wettekst staat.

  • Enkel stoffelijke schade (art. 33 §1): gevangenisstraf van 15 dagen tot 6 maanden en/of een geldboete van €200 tot €2.000, met opdeciemen effectief €2.000 tot €20.000
  • Ongeval met gewonden (art. 33 §2): gevangenisstraf van 15 dagen tot 3 jaar en een geldboete van €400 tot €5.000, met opdeciemen effectief €4.000 tot €50.000
  • Dodelijk ongeval (art. 33 §2): gevangenisstraf van 15 dagen tot 4 jaar en een geldboete van €400 tot €5.000, naast een langdurig verval van het recht tot sturen
  • Herhaling binnen 3 jaar (art. 33 §3): gevangenisstraf van 1 maand tot 4 jaar en een geldboete van €400 tot €5.000 (het parket vordert in de praktijk het dubbele van een normale boete)

Rijverbod en herstelexamens

Naast de geldboete en de eventuele gevangenisstraf spreekt de politierechter vrijwel altijd een rijverbod uit. Bij een vluchtmisdrijf zonder gewonden bedraagt dat rijverbod minstens 8 dagen; bij recidive kan het oplopen tot 5 jaar. Bij een ongeval met gewonden of dodelijke slachtoffers is de rechter wettelijk verplicht een verval van het recht tot sturen van minstens 3 maanden op te leggen, dat kan oplopen tot 5 jaar of zelfs levenslang.

Bij gewonden of doden koppelt de rechter het herstel van het recht tot sturen bovendien aan de vier herstelexamens: het theoretisch examen, het praktisch examen, een geneeskundig onderzoek en een psychologisch onderzoek. U krijgt uw rijbewijs pas terug nadat u voor alle opgelegde proeven bent geslaagd. Bestuurders die hun rijbewijs B nog geen 2 jaar bezitten, worden ook bij lichtere varianten verplicht opnieuw hun theoretisch of praktisch examen af te leggen.

Bereken wat u riskeert voor vluchtmisdrijf, op maat van uw situatie
Enkele korte vragen · 30 seconden · gratis advocaat mogelijk
Start berekening →

Het Salduz-verhoor: uw rechten als verdachte

Hebt u nog geen proces-verbaal of dagvaarding ontvangen, dan mag u zich eraan verwachten dat de politie u uitnodigt voor een verhoor als verdachte, de zogenaamde Salduz III-uitnodiging. Omdat op vluchtmisdrijf een gevangenisstraf staat, hebt u het recht om vóór het verhoor vertrouwelijk te overleggen met een advocaat en om u tijdens het verhoor door die advocaat te laten bijstaan.

Wat u tijdens dit verhoor verklaart, weegt zwaar door in het verdere verloop van het dossier. Het bewijs van vluchtmisdrijf vereist immers dat u wíst dat u bij een ongeval betrokken was. Een doordachte verklaring, bijvoorbeeld over de vraag of u de aanrijding daadwerkelijk hebt opgemerkt, kan het verschil maken tussen een veroordeling en een vrijspraak. Onderteken daarom geen verklaring waarvan u de draagwijdte niet volledig begrijpt.

Waarom bijstand van een advocaat aangewezen is

Anders dan bij een gewone verkeersboete staat bij een vluchtmisdrijf altijd een rechtszaak vast, met een mogelijke gevangenisstraf en een verplicht rijverbod als inzet. Een gespecialiseerde verkeersadvocaat kan het opzet betwisten, verzachtende omstandigheden aanvoeren en uitstel, opschorting of een werkstraf bepleiten in plaats van een effectieve straf. Zeker bij een ongeval met gewonden, een dodelijk ongeval of herhaling is professionele bijstand (vanaf het Salduz-verhoor tot de zitting) sterk aangewezen.

Veelgestelde vragen

Nee. Vluchtmisdrijf is een misdrijf onder artikel 33 van de Wegverkeerswet en valt buiten het systeem van onmiddellijke inningen en minnelijke schikkingen. U wordt steeds gedagvaard voor de politierechtbank, die de geldboete, het rijverbod en een eventuele gevangenisstraf bepaalt.